De Wet bescherming bedrijfsgeheimen komt er aan!

De Wet bescherming bedrijfsgeheimen komt er aan!

In bijna elk bedrijf gaat gevoelige informatie om waarvan je als ondernemer niet wil dat de concurrent daar mee aan de haal gaat. Het betreft hier zogenaamde bedrijfsgeheimen. Bepaalde (gevoelige) bedrijfsinformatie zou immers tot voordeel van concurrenten kunnen strekken. Medio 2018 zal naar verwachting de Wet bescherming bedrijfsgeheimen in werking treden. Deze wet strekt tot implementatie van een Europese richtlijn (2016/943/EU). Vooral voor de ICT-branche (waar informatie, kennis en know how een belangrijke (meer)waarde kunnen hebben), zal de wet een stap voorwaarts kunnen zijn.

Voornoemde Europese richtlijn geeft o.a. aan wat onder een bedrijfsgeheim wordt verstaan en tegen welke vormen van inbreuk daarop (het onrechtmatig verkrijgen, gebruiken of openbaar maken) kan worden opgetreden. Ook schrijft de Europese richtlijn wettelijke regels voor over het inzetten van juridische procedures, en welke maatregelen en rechtsmiddelen dienaangaande kunnen worden ingezet.

Wat zijn bedrijfsgeheimen?

Bedrijfsgeheimen worden omschreven als informatie die:

  • niet algemeen bekend of gemakkelijk toegankelijk is in de branche;
  • commerciële waarde heeft omdat de informatie geheim zijn;
  • waarvoor er redelijke maatregelen zijn getroffen om de geheimhouding te behouden.

Enkele voorbeelden van mogelijke ‘bedrijfsgeheimen’:

  • productieprocedés;
  • marketingconcepten en -strategiën;
  • algoritmes.

Ook de navolgende informatie zou kunnen vallen onder de bescherming van bedrijfsgeheimen die de Wet op het oog heeft:

  • (jaar)cijfers m.b.t. omzetten;
  • marges op producten;
  • klantenlijsten;
  • overeenkomsten/afspraken/correspondentie met klanten.

Bescherming van bedrijfsgeheimen op dit moment

Op dit moment bestaat er dus nog geen Nederlandse wetgeving over de bescherming van bedrijfsgeheimen. In arbeidscontracten met werknemers is het echter goed gebruik dat een geheimhoudingsbeding wordt overeengekomen. Ook in het kader van minnelijke vertrekregelingen met werknemers wordt (in de beëindigingsovereenkomst) vaak een geheimhoudingsbeding als voorwaarde opgenomen. In specifieke gevallen – bijvoorbeeld in geval van een due diligence onderzoek in het kade van een overname van of fusie met een andere onderneming – spreken bedrijven contractueel onderling met elkaar af dat bepaalde informatie geheim moet blijven. Afspraken hierover worden dan veelal neergelegd in een geheimhoudingsovereenkomst (of in het Engels: een “Non Disclosure Agreement”, ook wel “NDA” genoemd). Het niet nakomen van een dergelijke geheimhoudingsovereenkomst levert dan een wanprestatie op met als gevolg dat er schadevergoeding kan worden gevorderd.

Echter in onze huidige wet is er dus nog niet een specifieke bepaling over bedrijfsgeheimen verankerd.1 Maar ook als er contractueel géén afspraken zijn gemaakt, kan ook momenteel al het gebruik van bedrijfsgeheimen soms toch onrechtmatig kan zijn. De rechtspraak hierover is echter divers. Eén duidelijke lijn valt niet te ontdekken. De invoering van de Wet bescherming bedrijfsgeheimen zal meer duidelijkheid moeten scheppen en moet gaan regelen de bescherming van niet-openbaargemaakte know how en bedrijfsinformatie. Een bedrijfsgeheim wordt beschermd tegen het onrechtmatig verkrijgen, gebruik en het openbaar maken ervan.

Bescherming van bedrijfsgeheimen onder de Wet bescherming bedrijfsgeheimen

De toelichting op het wetsvoorstel benoemt het belang bij bescherming van bedrijfsgeheimen als volgt: ‘Gezien het belang van de bevordering van innovatie en concurrentie, stelt de richtlijn geen exclusieve rechten vast op knowhow of informatie die als bedrijfsgeheim is beschermd (…) Bedrijven die in Nederland last hebben van oneerlijke handelspraktijken rond bedrijfsgeheimen kunnen tot nu toe via het civiele recht een beroep doen op contractuele bescherming of onrechtmatige daad (…). Zolang er echter nog geen sprake is van een contract, is de bescherming op dat terrein beperkt en voor de beoordeling of sprake is van een onrechtmatige daad, bevinden de toe-eigeningsactiviteiten zich vaak in een schemergebied. Dit wetsvoorstel biedt een specifieke basis om op te komen tegen de onrechtmatige verkrijging, door bepaalde activiteiten als onrechtmatig te bestempelen (…)

De bescherming van IE-rechten – zoals octrooien, auteursrechten en modellen – is overigens in afzonderlijke wetten neergelegd.

Als onrechtmatig wordt geduid in het wetsvoorstel: het door een persoon gebruiken van bedrijfsgeheim als daardoor in strijd wordt gehandeld met een geheimhoudingsbeding of met een andere verplichting om het bedrijfsgeheim niet openbaar te maken (= ‘non-disclosure’). Dat geldt ook ten aanzien een inbreuk op een contractuele of andere verplichting tot beperking van het gebruik van het bedrijfsgeheim (= ‘restricted use’). Het handelen in strijd met een geheimhoudingscontract is dus onrechtmatig. En contractbreuk levert een grond om op te treden onder de nieuwe Wet bescherming bedrijfsgeheimen.

Mogelijke juridische procedures

Houders van bedrijfsgeheimen starten niet graag een rechtszaak over zaken die nu juist geheim moeten blijven. Het wetsvoorstel probeert die vrees weg te halen door te bepalen dat deelnemers aan een juridische procedure en zij die toegang hebben tot documenten betreffende de procedure, geen (vermeende) bedrijfsgeheimen mogen gebruiken of openbaar maken die de rechter op verzoek als vertrouwelijk heeft aangemerkt en waarvan zij kennis hebben genomen als gevolg van die deelname of toegang. De rechtsmiddelen die een houder van bedrijfsgeheimen kan hebben zijn o.a.:

  • een verbod op de productie van goederen voortkomen uit gebruik van het bedrijfsgeheim;
  • verbod of staking van het gebruik van bedrijfsgeheimen, dit op last van een dwangsom;
  • beslag en bewijsbeslag;
  • afgifte;
  • vernietiging van documentatie en aanverwanten;
  • een ‘recall’;
  • schadevergoeding;
  • proceskosten.

De wetgever heeft ook aangegeven ten aanzien van een te vorderen schadevergoeding dat zowel direct als indirect gebruik van een bedrijfsgeheim tot schadeplichtigheid.2

Kortom, de Wet Bescherming Bedrijfsgeheimen verstevigt dus de positie van de houder van bedrijfsgeheimen.

Tips: wat kunt u als ondernemer of werkgever doen?

Indien de bescherming van bedrijfsgeheimen essentieel is voor uw onderneming, raden wij aan daarover geheimhoudingscontracten af te sluiten. U kunt dat doen zowel met derden (bedrijven, leveranciers, zzp’ers) met wie u samenwerkt en bedrijfsgeheimen deelt, als ook met uw werknemers door met hen een geheimhoudingbeding over een te komen. Vaak wordt gekoppeld aan een geheimhoudingsbeding ook nog een boetebeding opgenomen. Niet alleen kan een boetebeding de eventuele bewijslast (over hoe hoog de schade is) vergemakkelijken, tevens kan een boetebepaling preventief (afschrikwekkend) werken.
Lekken er toch bedrijfsgeheimen uit? Neem dan direct actie om verdere schade te voorkomen. Degene die de bedrijfsgeheimen heeft gelekt, kan aangesproken worden, bijvoorbeeld door het vorderen van verbod, teruggave en/of schadevergoeding of een boete.

Let wel, ook onder (het voorstel tot) de Wet bescherming bedrijfsgeheimen zal gelden dat een succesvolle procedure valt of staat met het kunnen leveren van het bewijs dat sprake is van schending van een geheimhouding en/of onrechtmatig handelen. In die zin doet u er goed aan te (blijven) werken op een ‘need-to-know’-basis. Niet iedereen met wie u (samen)werkt hoeft immers toegang te (kunnen) hebben tot voor uw bedrijf relevante en gevoelige informatie. Geef uw medewerkers en derden slechts toegang tot de bedrijfsgeheimen waar ze strikt gezien toegang toe moeten hebben en dus niet tot meer. Daarnaast geldt dat sommige bedrijfsgeheimen te beschermen zijn door middel van een intellectueel eigendomsrecht. Echter voor het deponeren van een dergelijk recht, moet u het bedrijfsgeheim wel openbaar maken (en dan is het dus geen bedrijfsgeheim meer); u krijgt daar dan wel voor terug een bepaalde termijn aan bescherming zodat niemand gedurende die tijd van uw voormalig bedrijfsgeheim gebruik kan maken.

Begin juni 2018 gaat de Wet bescherming bedrijfsgeheimen waarschijnlijk van kracht.

JENS advocaten

Footnotes

  1. Wel staan er in het Unieverdrag van Parijs en in de Agreement on Trade Related Aspects of Intellectual Property Rights (ook wel bekend als: de “TRIPs-overeenkomst”) een aantal uitgangspunten neergelegd. Zo staat er in de TRIPs-overeenkomst dat lidstaten niet openbaar gemaakte informatie overeenkomstig en aan overheden of overheidsinstanties verstrekte gegevens dienen te beschermen. Ook wordt in TRIPs-overeenkomst verder uitgewerkt wanneer op welke wijze de “niet openbaar gemaakte informatie” dan precies beschermd moet worden. Echter, in Nederland is deze bepaling (net als in veel andere Europese lidstaten) niet uitgewerkt in nationale wetgeving.
  2. Let wel: het maakt niet uit of de inbreukmaker het bedrijfsgeheim direct of indirect verkreeg. Een fabrikant die een eindproduct op de markt brengt waarin hij een halffabricaat heeft verwerkt waarvan hij wist of had moeten weten dat dat werd vervaardigd met behulp van een onrechtmatig verkregen bedrijfsgeheim, is schadeplichtig, evenals degene die het halffabricaat zelf vervaardigde met behulp van het bedrijfsgeheim.